Chez Rachel

Chez Rachel

Chez Rachel is het derde kookboek van de Britse, maar nu in Parijs wonende, Rachel Khoo. Het is echter het eerste dat in het Nederlands is vertaald en gezien dit resultaat hoop ik dat de andere ook nog zullen volgen. De oorspronkelijke titel luidt The Little Paris Kitchen en dat geeft de ruimte aan waarin zij de in het boek beschreven gerechten heeft uitgeprobeerd. In een keukentje waarin zij net kan staan, met een mini-oventje en een campinggasstel met 2 pitten heeft zij toch de heerlijkste soepen, schotels en andere lekkernijen weten klaar te maken. De aldus vervaardigde gerechten heeft ze uitgeprobeerd op vrienden en gasten die zij ontving in haar huiskamerrestaurantje met 1 tafel en 2 stoelen.

 

Niet gehinderd door een horeca-opleiding, maar met een verkwikkende liefde voor lekker eten toog Rachel naar Parijs om daar aan het gerenommeerde instituut Le Cordon Bleu de pâtisserie te gaan bestuderen. Die opleiding en haar bijbaantje in een winkel voor kookboeken - en een beetje hulp van Jamie Oliver - waren de aanzet tot de carrière die sindsdien als een komeet omhoog is geschoten. 

 

De in Chez Rachel beschreven recepten bestaan veelal uit klassiekers van eenvoudige gerechten, waaraan zij haar eigen draai heeft gegeven. Elk recept begint met een kort, inleidend verhaaltje, dan volgen de ingrediënten en vervolgens wordt de procedure beschreven met aanwijzingen hoe je daar ook variaties op kan toepassen. Op deze manier is het hele boek aardig om te lezen en kan iedereen die niet helemaal vreemd is in de keuken de heerlijkste maaltijden op tafel brengen. Chez Rachel is dan ook veel meer dan een standaard kookboek, want naast de onontbeerlijke instructies is het ook een bron van inspiratie. 

 

Het boek draagt geweldig lekkere ideeën aan voor crème pâtisserie (in het Nederlands klinkt dat een stuk minder smakelijk als 'banketbakkersroom') en Rachel Khoo voegt daar nog een aantal varianten aan toe. Er staan bovendien gedurfde verrassingen in, waar menigeen in eerste instantie met opgetrokken wenkbrauw naar zal kijken, maar die het uitproberen zeker waard zijn. Beslis dan zelf maar of het een vondst is of niet. Zo vinden we bijvoorbeeld een crème brulée met uien, pastislollies, een hartige clafoutis of een mooie, driekleurige versie van de hachis Parmentier. Probeer en oordeel zelf. Maar naast die frivoliteiten worden ook de basisbeginselen van bouillons, sauzen en dressings niet vergeten, waardoor het boek zowel op de onderste als op de bovenste plank thuishoort. 

 

De vormgeving van het boek is prettig. Modern, maar smaakvol. Duidelijke typografie, waardoor het, in tegenstelling tot veel andere trendy kookboeken met flitsende, quasi handgeschreven en daardoor vaak onleesbare teksten, heel prettig oogt. De schutbladen voor- en achterin vormen een klein culinair woordenboek op zich en zelfs het register is redelijk op orde, hoewel het in een kookboek een lastige en ondankbare taak is om de inhoud overzichtelijk weer te geven. De mooie fotografie van de gerechten is om te watertanden en de sfeerfoto's - afwisselend in zwart-wit en kleur - maken het ook nog eens tot een mooi kijkboek. Voor de frequente Parijsganger is achterin ook nog een handig lijstje opgenomen met leuke en wellicht nuttige adressen.

 

Valt er dan helemaal niets negatiefs te vertellen over dit verfrissende kookboek? Toch wel, al ligt dit niet direct aan de auteur of uitgever. Die jaloersmakende foto's van de Franse markten, winkels en etalages: daar kunnen we in Nederland alleen maar van dromen…!